Wat als werken nooit loont?
“Werken loont. Dat is al decennialang de gedachte. Maar wat als dat in de praktijk lang niet voor iedereen geldt? Rotterdam is rijk aan kansen en economische groei, maar tegelijkertijd leeft een grote groep mensen in armoede. Mensen die willen werken, maar geen passende baan vinden. Rotterdammers die door ziekte of beperking niet volledig kunnen meedoen aan de arbeidsmarkt. Mensen die vastlopen in een systeem dat bedoeld is om te ondersteunen, maar hen soms gevangen houdt.”
Op 29 juni stond Debatcentrum Arminius in het teken van 125 jaar sociale zekerheid. Lieke deelt haar samenvatting van de avond ‘Wat als werken nooit loont?’.
Vanuit historisch perspectief is het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel altijd ingericht rondom betaald werk. Arbeid geldt al decennialang als de belangrijkste bron van inkomen en maatschappelijke participatie, waardoor het uitgangspunt dat ‘werk moet lonen’ diep verankerd is geraakt in het systeem. Tegelijkertijd is een fundamenteel spanningsveld dat al sinds de opbouw van de verzorgingsstaat bestaat: kies je ervoor om iedereen een basisvoorziening te bieden, of richt je extra ondersteuning op specifieke groepen die dat nodig hebben? Juist deze keuze heeft geleid tot een steeds complexer stelsel van toeslagen, uitzonderingen en regelingen, waardoor mensen die (weer) gaan werken soms juist inkomen verliezen.
De aanwezige historicus benadrukt dat menselijke waardigheid oorspronkelijk een centraal uitgangspunt was van de sociale zekerheid. Hij verwijst daarbij naar minister Marga Klompé, die stelde dat mensen niet alleen moeten kunnen overleven, maar ook “een bloemetje op tafel” moeten kunnen zetten – een symbool voor een waardig bestaan. Volgens hem is dat ideaal in de loop der jaren naar de achtergrond verdwenen. Tegelijkertijd zijn de inkomens- en vermogensverschillen steeds groter geworden, waardoor bestaanszekerheid voor een groeiende groep onder druk staat. Uit historisch onderzoek blijkt bovendien dat niet de regels zelf de grootste schade veroorzaken, maar de manier waarop mensen worden behandeld. Niet gehoord worden, als nummer worden gezien en een gebrek aan respect en vertrouwen laten diepe sporen na. Juist de menselijke bejegening blijkt keer op keer bepalend voor hoe mensen de sociale zekerheid ervaren.
Werk door de ogen van ervaringsdeskundigen
De behoefte aan menselijke bejegening komt ook naar boven wanneer vijf ervaringsdeskundigen het woord krijgen. Het gezelschap dat om uiteenlopende redenen niet kunnen deelnemen aan betaald werk, geven inzicht in waar volgens hen het systeem vastloopt en welke behoeftes zij hierin hebben. Thema’s die gedurende de gehele avond terugkomen zijn;
- Bestaanszekerheid ontbreekt: mensen hebben ondanks uitkering of ziektewet structureel onvoldoende inkomen om van te leven. De ervaringsdeskundigen geven aan dat zij iedere maand opnieuw moeten overleven en dat er geen financiële ruimte is om vooruit te komen. Er is sprake van hoge vaste lasten, schulden en onzekerheid over (terugvordering van) toeslagen.
- Bejegening en menselijke maat: misschien wel het thema dat het meest ter sprake kwam. De ervaringsdeskundigen voelen zich niet gehoord of serieus genomen en hebben het gevoel dat zij onjuist bejegend en beoordeeld worden. Er wordt teveel gekeken naar regels en feitelijkheden in plaats van hun menselijkheid. Dit resulteert in wantrouwen richting de overheid en het systeem.
- De kracht van persoonlijke begeleiding: maatwerk als oplossing voor het probleem. Er is behoefte aan persoonlijke begeleiding in ondersteuning naar opleiding en werk. Een aanpak waar ruimte is voor kleine stappen en waar geluisterd wordt naar wat de werkzoekende wil. Ook is er de wens om een vast contactpersoon te krijgen, die momenteel vaak worden gewisseld.
- Bijdragen en zingeving: de ervaringsdeskundigen en aanwezigen in het publiek geven allen aan te willen werken. Door middel van vrijwilligerswerk – of een opleiding – willen zij bijdragen aan de maatschappij en daarmee zowel zichzelf als anderen vooruit helpen. Inkomsten zijn voor hen niet de enige drijfveer om te werken.
Perspectief vanuit de politiek
Vanuit het perspectief van beleidsmakers en politici staat het uitgangspunt centraal dat werk moet lonen en mensen perspectief moet bieden op een stabiel en zelfstandig bestaan. Tegelijkertijd erkennen zij dat het huidige stelsel daar onvoldoende in slaagt. De overgang van een uitkering naar werk is vaak onzeker door tijdelijke contracten, lage lonen en de ingewikkelde samenhang tussen uitkeringen, toeslagen en belastingen. Hierdoor gaan mensen er financieel soms nauwelijks op vooruit wanneer zij aan het werk gaan. Ook wordt erkend dat eerdere hervormingen, zoals de Participatiewet, niet de gewenste resultaten hebben opgeleverd en dat de uitvoeringspraktijk te complex is geworden voor zowel inwoners als professionals.
Daarnaast benadrukken beleidsmakers en politici dat een fundamentele verandering meer vraagt dan alleen nieuwe wet- en regelgeving. Er is behoefte aan een cultuur waarin vertrouwen, aandacht en de menselijke maat weer centraal staan. Mensen moeten niet worden benaderd als dossiers of kostenposten, maar als individuen met uiteenlopende talenten, mogelijkheden en behoeften. Tegelijkertijd wordt onderkend dat deze menselijke benadering alleen duurzaam kan zijn wanneer ook de financiële en wettelijke randvoorwaarden worden verbeterd. Dat vraagt om politieke keuzes, zoals investeringen in bestaanszekerheid, een toereikend minimumloon, eenvoudiger regelgeving en een sociaal zekerheidsstelsel dat zekerheid biedt in plaats van onzekerheid creëert. Volgens de aanwezige politici kan deze omslag alleen worden gerealiseerd door intensieve samenwerking tussen overheid, uitvoeringsorganisaties, maatschappelijke organisaties, werkgevers en de mensen om wie het uiteindelijk gaat.
Oplossingen vanuit het publiek
Tussen de programma onderdelen door wordt het publiek gevraagd naar hun mening en mogelijke oplossingen die zij hebben voor de problematiek rondom werk dat niet (voldoende) loont. Gezamenlijk komen de sprekers, ervaringsdeskundigen en het publiek tot een ‘oplossingsagenda’ met hierin de volgende aandachtspunten;
- Het systeem moet worden vereenvoudigd. Veel genoemde suggesties zijn het afschaffen van toeslagen, een sociaal minimum zonder ingewikkelde regelingen, automatische toekenning van toeslagen in plaats van het zelf moeten aanvragen – want dit is foutgevoelig – en minder of geen terugvorderingen meer. Oftewel; veilig geld.
- Werken écht lonend maken: door meer te mogen bijverdienen naast een uitkering, een hoger minimumloon, vaste contracten meer de norm te laten zijn en het belonen van kleine stappen richting werk. Daarnaast ook het ‘herwaarderen’ van FTE’s door per persoon te bekijken wat iemands volledige potentieel is en diegene daar ook naar belonen.
- De mens centraal zetten, waarbij een vast contactpersoon wordt aangesteld, consulenten en cliënten een eigen match laten maken zoals bij maatjesprojecten, persoonlijke en maatwerk begeleiding en een luisterend oor zonder oordeel.
- Investeren in de ontwikkeling van mensen: in vorm van opleidingen, taalonderwijs, leerwerktrajecten, buddyprojecten en structurele financiële ondersteuning van educatie.
- Beleidsmakers de praktijk laten ervaren. Want hoe kan goed beleid worden gemaakt als de beleidsmakers niet weten hoe het is om in eenzelfde situatie terecht te komen? Dit kan door een maand van het minimumloon te leven, zelf armoede te ervaren, mee te lopen met mensen in de praktijk om daarna het beleid te kunnen maken alsof ze zelf afhankelijk zijn van het systeem.
Ondanks de verschillende invalshoeken van de aanwezigen kwamen verschillende thema’s over alle schijven terug. Er werden zinvolle ideeën gedeeld en tegelijkertijd werd er getwijfeld over de haalbaarheid van systeemverandering in relatie tot financiële middelen en capaciteit. Zelf was ik blij te horen dat we met Goud van Noord goed op weg zijn als het gaat over het bieden van maatwerk, menselijke maat en gelijkwaardige benadering. Wat een wezenlijk verschil maakt voor uitkeringsgerechtigden. Wie bij ons aanklopt kan rekenen op begeleiding richting doelen op een respectvolle manier, waarbij we niet uitgaan van ‘grote-stappen-snel-thuis’, maar aandacht hebben voor iedere vorm van ontwikkeling.
Lees meer over vrijwilligerswerk en zelfontwikkeling op onze website.


